Differences between revisions 3 and 4
Revision 3 as of 2009-09-28 05:39:35
Size: 6540
Editor: localhost
Comment:
Revision 4 as of 2009-09-28 06:29:40
Size: 6301
Editor: localhost
Comment:
Deletions are marked like this. Additions are marked like this.
Line 1: Line 1:
## Please edit system and help pages ONLY in the master wiki!
## For more information, please see MoinMoin:MoinDev/Translation.
##master-page:Unknown-Page
##master-date:Unknown-Date
#acl -All:write Default
#format wiki
#language en

het tapen van de connectoren buiten

Connectoren zijn critische componenten in een buitenantenne installatie. Door capillaire werking kan vocht heel makkelijk ergens tussen kruipen. De demping van de kabel en de connector kan daardoor zeer groot worden, waardoor er geen verbinding meer mogelijk is. Het inkruipen van vocht wordt voorkomen door het tapen van kabel en connector met vulkaniserende tape. Het is een eigenschap van deze tape dat over elkaar aangebrachte lagen als het ware samensmelten, mits goed aangebracht. Begin met de tape op de onderste kabel en werk schuin omhoog, ongeveer half overlappend. Tape GOED uittrekken. En als je meer dan 20-30cm van het dikke tape (in die gele zakjes) gebruikt of meer dan 50cm vanaf de rol gebruikt doe je het fout. De tape moet bijna scheuren en je moet de ribbels van de connector er zonder meer door kunnen zien (direct na aanbrengen; een uur later is het versmolten).

afdichten van de waterdichte kast voor montage soekris node buiten

De kast is alleen waterdicht als deze op de juiste wijze is gemonteerd. Vocht problemen kunnen ontstaan door vocht, dat van buiten naar binnen loopt (lekwater) of dat neerslaat op de binnenwand als de temperatuur van de buitenwand lager is dan de temperatuur van de lucht in de kast (condens water) Als het goed is komen de kasten met rubbertjes -en- speciale nylon dopjes. Dopjes gebruiken waar geen boutje door gaat; rubbertjes gebruiken waar een bout zit. De dopjes zijn ietswat dampdoorlatend om condens tegen te gaan. Dus daar het gat 'onderaan' voor gebruiken. In geval van twijfel kitten tijdens de montage, maar onderaan niet volledig i.v.m. condens.

monteren RJ45 connectoren aan ethernet kabel

Het is belangrijk dat de connector stevig om de buitenkabel geklemd komt te zitten, zodat er geen krachten op de binnendraden komen. De buitenkabel moet echter ook niet te ver in de connector steken want anders kan het gebeuren dat connectorpennen geen kontakt met de draden maakt. Strip de buitenmantel af met een juist afgestelde striptang, zodat de binnendraden niet beschadigen. Leg de draden in een platvlak naast elkaar in de juiste kleurenvolgorde. Zie KabelStandaard. Knip de draden nu recht af, zodat tot het eind in connector gestoken kunnen worden en de buitenmantel ook net onder de trekontlastingpinnetjes komen. Let er bij het insteken van de draden goed op dat ze allemaal in dezelfde volgorde onder de krimppennetjes terecht komen. Connector in de krimptang, en bij het knijpen voel je dat de pinnetjes door de isolatie van de binnenkabels geduwd worden. Als je de connector aan de voorkant bekijkt dan moeten de pennetjes in een rechte lijn zitten. De buitenmantel moet aan de connector zijn gekneld. Na afloop de kabel doormeten met een ethernet kabeltester.

monteren van pigtails

Een pigtail is het verloopkabeltje tussen de zeer kleine antenne aansluiting op een WiFi kaartje en een meer handzame grote connector. Er zijn verschillende typen aansluitingen op wireless kaarten en er zijn verschillende typen grotere connectoren, en daarvan weer een aantal varianten. Het is dus heel makkelijk om een verkeerd type pigtail te hebben. Voor de aansluitingen op de wireless kaarten zijn er connectors, die vastklikken (op de Senao kaarten van wirelessleiden) en connectors met een mini coax plugje, dat schuift. In alle gevallen is het belangrijk om voorzichtig om te gaan met die kleine plugjes, het minste geringste vuil kan de kabel onbruikbaar maken. Ook te veel bewegen van de draad va de pigtail t.o.v. de connector kan snel leiden tot een onbruikbare pigtail. Bij het monteren is het dan ook belangrijk om de pigtail niet los te laten hangen, maar aan de grotere connector kant te zekeren. Dit is trekontlasting.

De grotere Connectoren zijn er in verschillende soorten en uitvoeringen. Helaas kon bij wirelessleiden niet gestandaardiseerd worden op een enkele soort. Zowel N-connectoren als SMA connectoren worden gebruikt. Om te voorkomen dat geprobeerd wordt om verkeerde connectoren aan te sluiten, waardoor de connectoren kapot kunnen gaan, worden in de vooraad van wirelessleiden pigtails van een kleurcode voorzien. Zie hiervoor bij NodebouwStandaarden.

Belangrijk is ook dat connectoren handvast worden aangedraaid en niet met een tang. Als connectors met de hand niet vast kunnen worden gemaakt, dan wordt hoogst waarschijnlijk een verkeerde connector gebruikt.

het plaatsen van een nieuwe node op de nodemap

De Nodemap is het visitekaartje van wirelessleiden. Hierop zijn alle actieve nodes en de verbindingen daartussen te zien. Als nodebouwer is het dan ook leuk om je node op de map toe te voegen. De nodemap applicatie haalt de coordinaten en de bouwstatus van de node uit de Genesis database. Voor elke node is er een directory en een config file in de Genesis database, die als een verzameling files in svn staan. Zie InformatieBronnen. Vrijwilligers van de techniekgroep kunnen een nieuwe config file maken voor een nieuwe node. De XY coordinaten in de config file zijn coordinaten in het Rijks Driehoek Stelsel. Tot nu toe heeft Huub Schurmans voor elke nieuwe node GPS metingen gedaan, waarmee hij de GPS coordinaten en de xy coordinaten bepaalde. Deze vulde hij in in een spreadsheet, die als bron dient voor een map, waarin ook potentiele nodes zijn opgenomen. De xy coordinaten konden dus bij Huub opgevraagd worden. Als Huub nog geen meting heeft gedaan dan kan Peter Poelioe met een CADCAM systeem ook de coordinaten bepalen. Voor de echte doe hetzelver is er een methode in XY beschreven om vanuit de postcode tot xy coordinaten te komen. Als de xy coordinaten in de config file van Genesis zijn ingevuld, dan wordt binnen enkele minuten de node zichtbaar op de nodemap. Als de node later actief is, dan is deze ook zichtbaar op de detail map en kan vastgesteld worden of de positie van de node juist is. Met wat aanpassen van de coordinaten kan de node op de exacte lokatie van de map worden gemanouvreerd. Soms zijn nodes zo dicht bij elkaar, dat de afzonderlijke nodes niet meer duidelijk zijn. In dat geval kan er een beetje gesmokkeld worden.

TipsEnTricksVoorNodeBouw (last edited 2009-09-28 06:29:40 by localhost)